Coatright Aqua 2K EP Vloerimpregneer

Coatright Aqua 2K EP Vloerimpregneer is een transparante 2 componenten waterdragende primer/voorstrijkmiddel voor beton, gebaseerd op epoxyhars. Coatright Aqua 2K EP Vloerimpregneer heeft een uitstekende hechting op vele cement(achtige) ondergronden.

Meer details

Productinformatie Veiligheidsinformatie

Levertijd 2 tot 4 werkdagen

€ 39,75 incl. BTW

Meer informatie

Eigenschappen
Door het zeer hoog indringend vermogen zet COATRIGHT® Aqua 2K EP Vloerimpregneer zich vast in de toplaag van de poreuze beton/cement(achtige) ondergrond en zorgt voor een optimale verankering van het verfsysteem. COATRIGHT® Aqua 2K EP Vloerimpregneer is zeer slijtvast en chemisch resistent en wordt aanbevolen voor vloeren met een matig tot hoge mechanische vloerbelasting en bij een hoge vochtigheidsbelasting. Zie ook ‘Ondergronden’. 

Technische gegevens (aangemaakt product, bij 20°C)
Afwerking : transparant (glans) 
Soortelijk gewicht : 1.05 kg/l (gemengd)
VOS-gehalte : 17,5 gr/ltr. 
Viscositeit : ca. 45 sec DIN-6
Rendement (theoretisch) : 10-11 m²/ltr DFT 40 μm (*) 
Vaste stof gehalte : 49,5%
Houdbaarheid : 12 maanden (in gesloten verpakking) 
Vlampunt : > 65 °C
(*) Het rendement in de praktijk hangt zeer sterk af van de absorptievermogen van de ondergrond.

Voorbehandeling
Het oppervlak moet draagkrachtig zijn en volkomen schoon, droog en vetvrij. Zie tevens ‘Ondergrond’ en de bovengenoemde brochure.

Applicatie instructies
Type verharder : CR210 (= EV40)
Mengverhouding verharder : 1:2 in volume (basislak:verharder), basis en verharder intensief mechanisch mengen.
Potlife : bij 20°C ca. 3 uur (verwerkingstijd bij aangemaakt/gemengd product) Let op! Ondanks dat het verstrijken van de potlife (= de verwerkingstijd na menging met verharder) niet altijd zichtbaar is door verandering van de viscositeit, dient u het aangemaakt product beslist niet meer te gebruiken zodra de potlife is overschreden.
Verdunning : leidingwater
Gebruik : afhankelijk van de zuigende werking, sterk absorberende ondergronden 30-50% verdunnen en laag absorberende ondergronden 50-100% verdunnen.
Aanbevolen roller : voor watergedragen vloercoatings adviseren wij medium nylon rollers (2K)
Laagdikte : 20-30 µm DFT
Schoonmaken gereedschap : onmiddellijk na applicatie met water spoelen, gevolgd door een spoeling met Biqua reiniger. Hierna nogmaals zorgvuldig spoelen met schoon leidingwater.

Droging (bij 20°C, RV 65 %, DFT 40µm) 
Beloopbaar en overlakbaar na 12 uur 

Ondergrond
Voordat men een betonvloer gaat coaten moet de ondergrond aan bepaalde voorwaarden voldoen. Het is dan ook van groot belang om als eerste de vloer te beoordelen op het type vloer en aspecten zoals bijvoorbeeld vervuiling, beschadigingen, oppervlaktevastheid, vochtigheid en absorberend vermogen. Een nieuwe beton- of cementdekvloer dient minimaal een maand uit te harden zodat de alkaliteit van de vloer op het juiste niveau komt. Het vochtpercentage van de ondergrond mag niet hoger zijn dan 4%, de minimum temperatuur 12°C. De ondergrond dient schoon, droog en vetvrij te zijn. Losliggende delen verwijderen en indien nodig repareren. De oppervlaktevastheid van de betonvloer dient na uitharding, afhankelijk van het gebruik, minimaal 1,5 N/mm2 te zijn. Niet draagkrachtige ondergronden/verflagen dient men middels stralen volledig te verwijderen.
Beschadigingen zoals scheur- en barstvorming dient men vooraf vakkundig te laten herstellen (voor kleine beschadigingen 2K epoxy plamuur gebruiken).
Wanneer de ondergrond oneffenheden vertoont, loszittende delen, resten van lijm of verf bevat, of de vloer nog een cementsluier bevat, dan adviseren wij deze aan te stralen (of grondig machinaal schuren met bijv. een diamantslijp- of betonschuurmachine) en daarna stofvrij maken. Voor het ontvetten van de vloer adviseren wij een amoniak-oplossing of een ander geschikt reinigingsmiddel. Het gebruik van oplosmiddelen raden wij af aangezien deze het vet wel oplossen maar niet altijd goed verwijderen. Olie-, smeer- en vetplekken dienen grondig verwijderd te worden, bijvoorbeeld m.b.v absorptiemiddelen en/of vetafbrekende middelen (stoomcleanen) en de vloer grondig na te spoelen met schoon water. De ondergrond dient tevens vrij te zijn van ontkistingsmiddelen (olie, was, etc.) en andere additieven. Algen, mos en schimmels verwijderen
met de daarvoor geëigende middelen. Bij zeer ernstige vervuiling kan het noodzakelijk zijn de toplaag te stralen of mechanisch te verwijderen en indien noodzakelijk te repareren. 
Monolithisch afgewerkte en gevlinderde (gladde) vloeren en andere verdichte ondergronden moet u altijd aanstralen (!)
Het absorberend vermogen van een betonvloer kan men controleren door op het gereinigde (en stofvrije) oppervlak enkele druppels water te laten vallen en zo het absorptievermogen te bepalen. Zeker bij een sterk absorberende ondergrond adviseren wij eerst een laag COATRIGHT® Aqua 2K EP Vloerimpregneer aan te brengen (minimaal DFT 30 µm) en na 12 uur droogtijd de volgende laag aan te brengen.

Eventueel aanwezige dilatatievoegen mogen niet gecoat worden. In geval van een reeds aanwezige oude intacte verflaag dient deze in elk geval draagkrachtig te zijn en moet men deze goed opruwen (mechanisch mat slijpen) voordat u een nieuwe verflaag kunt aanbrengen.

De voorbehandeling dient altijd zodanig te worden verricht (reinigen, ontvetten, stralen/mechanisch schuren, etc.) dat voor schilderwerk een goede ondergrond ontstaat. Ter voorkoming van nieuwe besmetting/roestvorming dient het object direct na het stralen/schuren gecoat te worden. Het aanbrengen van de lak moet veiligheidshalve plaatsvinden bij een ondergrond-temperatuur die tenminste 3°C boven het dauwpunt
ligt. Zie de dauwpunttabel op de downloadpagina van onze website (http://www.biccs.nl/download >‘Overige’).

(*) Waarschuwing c.q. voorbehoud – I.v.m. de diversiteit aan ondergronden en situaties is een eenduidig verfadvies helaas niet mogelijk. Daarom adviseren wij te allen tijde een proef te zetten ter zekerstelling van het juiste resultaat.

Droging
De droging van dit product is sterk afhankelijk van de temperatuur, luchtvochtigheid, ventilatie en aangebrachte laagdikte. Een hoge luchtvochtigheid en een te lage temperatuur kan de droging negatief beïnvloeden. Een goede luchtventilatie langs het substraat kan zeer positief uitwerken op de aan- en doordroging van het product. Ideale omstandigheden worden verkregen bij 18°C - 23°C (objecttemperatuur 12°C - 25°C), en luchtvochtigheid van 45 - 65%.

Opslag
Vorstvrij bewaren. Bevriezing van het product leidt tot onherstelbare aantasting van de kwaliteit. Veiligheidshalve moet dan ook een minimum temperatuur van 5°C en een maximum temperatuur van 30°C worden gehanteerd.